"Wij zijn niet tegen de werkgevers"

Auteur: David Bakker
20 augustus 2021
"Wij zijn niet tegen de werkgevers"

De horeca klimt uit het dal sinds corona, de blik is gericht op de horizon. Natuurlijk zijn er zaken, al dan niet blijvend, veranderd. Hoe kijkt Edwin Vlek, sectorbestuurder FNV Horeca naar de toekomst van de horeca? In de rubriek Mens, Bedrijf en Visie portretteert Hospitality Management vooraanstaande mensen in en rondom de horecabranche.

MENS

Hoe is je carrière tot stand gekomen?

“Ik heb popmuziek gestudeerd en ben opgeleid tot audiovisueel specialist. Als jong jongetje kwam ik echter al vroeg in aanraking met de horeca en werkte ik als keukenhulp. Ik was wat eigenwijs en wilde wel doorgroeien naar ‘de voorkant’. Stap voor stap ben ik gegroeid tot manager en uiteindelijk heb ik jarenlang voor Van der Valk Avifauna gewerkt. Onder andere als Manager Parkrestaurant waar ik de verantwoordelijkheid had over een party- en congrescentrum met een capaciteit van 1000 mensen en medeverantwoordelijk was voor onder andere de horeca in het vogelpark. Mijn laatste jaar in de horeca werkte ik als general restaurantmanager voor het Holiday Inn in Leiden.”

Hoe is je carrière binnen FNV tot stand gekomen?

“Ik werd eigenlijk bij toeval lid van FNV Horeca tijdens de Horecava. Zelf ben ik nooit in een vervelende situatie terechtgekomen met mijn werkgevers, maar ik merkte wel om mij heen hoe de verstandhouding tussen werkgevers en werknemers in de horeca was. Wie betaalt, bepaalt. Dat was een beetje de gedachtegang. De vakbond werkte in mijn ogen vrij klassiek en in mijn optiek hebben zowel werkgevers als werknemers hetzelfde doel voor ogen: een boeiende en sterke branche.”

“FNV Horeca biedt voor nieuwsgierige leden de Young Academy aan. Die ben ik in 2015 gaan volgen. Van daaruit zag de organisatie potentie in mij en ik ben altijd wel iemand geweest die gewoon zegt waar het op staat, ook binnen de vakbond. Dat vonden ze denk ik wel interessant; iemand die ook een keer een andere mening had. Ik merkte dat ik steeds meer moeite kreeg met aan de ene kant het werk uitvoeren wat mijn werkgever van mij verwachtte en tegelijkertijd mijn werkzaamheden voor de vakbond uitvoeren. Dat ging schuren. In 2018 ben ik volledig in dienst gegaan bij FNV Horeca, eerst als regiobestuurder en in augustus 2019 als sectorbestuurder Horeca en eerste onderhandelaar.”

Bezoek je vaak de horeca?

“Absoluut. Ik probeer iedere werkgerelateerde afspraak in de horeca te plannen. Vreemd genoeg bezoek ik sinds ik niet meer in de horeca werk vaker een restaurant of café. Vanuit mijn professie vond ik altijd overal wat van en had ik al een analyse gemaakt voordat mijn vrouw en ik aan tafel zaten. Dat is nu een stuk minder. Ik geniet vooral van horecazaken die vernieuwend durven zijn. En dan bedoel ik niet de kleur van een kopje en een schoteltje, maar concepten waar men de grenzen durft op te zoeken om markt te creëren.”

BEDRIJF

Hoe is FNV Horeca georganiseerd?

“Wat goed is om te vertellen, is dat FNV Horeca een zelfstandige bond is die aangesloten is bij FNV. We zijn volledig autonoom en zelfstandig. Dat uit zich in beleid. Op hoofdlijnen voeren we het arbeidsvoorwaardenbeleid van FNV uit, maar wij hebben de mogelijkheid om daarvan af te wijken. Bij FNV werken ongeveer 1250 mensen, bij FNV Horeca ongeveer 50 medewerkers. Dat lijkt misschien wat weinig, maar een vakbond is een vereniging en een vereniging bestaat voornamelijk uit actieve leden. Samen met onze medewerkers verzetten zij ontzettend veel werk. We zijn  onderverdeeld in vier verschillende sectoren met bijbehorende merknamen, FNV Horeca, FNV Catering, ZZP Hospitality en FNV Recreatie. Ik ben sectorbestuurder bij FNV Horeca, bestuurder ZZP Hospitality en eerste onderhandelaar.”

Welke invloed heeft de coronacrisis op FNV Horeca gehad?

“We moesten halsoverkop allemaal vanuit huis gaan werken, terwijl de branche in brand stond. In de eerste maanden van de crisis kregen we honderden mails en belletjes per dag. We konden het telefonisch niet meer aan. We hebben moeten besluiten om de telefooncentrale uit te zetten en alleen via mail vragen te beantwoorden. Iedereen in de organisatie is zich gaan focussen op het schriftelijk te woord staan van onze leden.”

“We hebben in het voorjaar van 2020 gesprekken gevoerd met de werkgevers om corona-gerelateerde afspraken te maken. Dat is helaas niet gelukt. Het ging voornamelijk mis in het inleveren of later uitbetalen van salaris en/of vakantiegeld. Daar staan werknemers over het algemeen niet onwelwillend tegenover, alleen vonden wij dat het niet als een verplichting neergezet kon worden.”

“Wel hebben we input kunnen leveren aan de steunpakketten. Er is een discussie geweest omtrent de hoogte van de steunmaatregelen. Werkgevers zagen dat de opslag van personeelskosten niet volledig dekkend was. Het ministerie van Economische Zaken en SZW heeft aan ons gevraagd of dat volgens ons ook klopt. Wij vonden de pakketten ook niet volledig dekkend. Vervolgens zijn de steunpakketten opgeschaald.”

VISIE

Hoe kijk je naar de toekomst van de branche?

“De impact van de coronacrisis op de branche is natuurlijk immens. Al tijdens de eerste lockdown waarschuwde ik dat we niet massaal afscheid moesten nemen van mensen met een aflopend contract en een 0-urencontract. De verwachting was dat veel bedrijven om zouden vallen, waardoor uiteindelijk voor deze mensen geen plaats meer zou zijn. Tot nog toe valt het aantal faillissementen natuurlijk onwijs mee. Maar daardoor is het personeelstekort extra zichtbaar. Het is overigens niet iets nieuws - het personeelstekort was al voor de coronacrisis een groot probleem -, maar mede vanwege het uitblijven van faillissementen is het nog groter geworden. Er gaan zeker bedrijven omvallen op het moment dat de staatssteun volledig wegvalt en dat is uiteindelijk – voor de branche -  niet zo erg. De vraag is hoe groot die shake-out zal zijn.”

Het personeelstekort is op dit moment een van de grootste problemen voor de horeca. Hoe kijk jij naar een oplossing?

“Het is bekend dat de mensen die tijdens de lockdown thuis kwamen te zitten op zoek zijn gegaan naar een andere baan. Het is lastig om hen te verleiden tot een terugkeer. Dat de secundaire arbeidsvoorwaarden en werktijden beter zijn in andere sectoren, was ook vóór de uitbraak van de crisis bekend. De reden waarom mensen in de horeca werkzaam bleven was uit liefde en passie. Die balans moet weer terugkeren. En uiteindelijk gaat het er ook om dat de mensen gewoon hun rekeningen kunnen betalen. Er worden geen gouden bergen gevraagd en verwacht in de horeca.”

“Ten tijde van de eerste lockdown zag ik veel werkgevers samenwerken en ik had de hoop dat dit een keerpunt zou betekenen. Helaas zie ik nu weer dat er eilandjes ontstaan. De kracht zit volgens mij in de samenwerking tussen ondernemers. Ook om het personeelstekort partij te bieden. Dat doe je door bijvoorbeeld iemand die in jouw bedrijf is uitgeleerd en niet verder kan groeien, de vrijheid geeft om de overstap naar de buurman te maken om daar wel de bedrijfsleider te worden die hij of zij altijd heeft willen zijn. Jij hebt dan een assistent-bedrijfsleider nodig die bij de andere buurman juist die ambities weer heeft. Dit is in het klein een voorbeeld van een oplossing. Zo houd je de mensen aan de branche verbonden. Om jongeren weer enthousiast te maken voor de branche is het van belang om een pad uit te stippelen met wat mogelijk is binnen het bedrijf. Wat daarbij van belang is, is dat er een realistisch traject wordt uitgestippeld dat haalbaar is.”

“Verwachtingsmanagement is sowieso iets dat vaker terug mag komen, ook op de hotelscholen. Ik heb eens een lezing gegeven aan groep studenten. Ik vroeg hen welke functie zij direct denken te kunnen bekleden als ze afgestudeerd zijn. Het merendeel dacht aan Director of Operations met een netto salaris van ruim 2500 euro. Dan gaat er natuurlijk ergens iets mis. Aan de voorkant bij zowel horecabedrijven als de opleidingen is het managen van de verwachtingen van groot belang.”

“Het beeld heerst wel eens dat wij als vakbond tegen de ondernemers zijn. Dat is absoluut niet het geval. We zijn trots op de ondernemers die de crisis hebben doorstaan en nu weer keihard alle zeilen bijzetten om aan een goede toekomst te bouwen. We hebben elkaar keihard nodig. Ik begrijp ontzettend goed dat werkgevers nu zeggen; ‘een vast contract is een te groot risico’, maar het is wel hetgeen waar de duurzame horecamedewerker naar op zoek is. Ik ben ervan overtuigd dat het nu van groot belang is om de wensen van de werknemers centraal te zetten om uit deze personeelscrisis te komen.”

Blijf je graag op de hoogte?

Twee keer per week het actuele en relevante hotelnieuws in je mailbox? Schrijf je hier in voor onze digitale nieuwsbrief en blijf op de hoogte.

Overig nieuws