Het begrip flexwerken bestaat toch al lang?

Auteur: Redactie
Hotelketens 13 februari 1999
Het begrip flexwerken bestaat toch al lang?

De vraag werkt op zijn lachspieren. Of er al reacties uit de hotel­branche zijn? ’Mijn doch­ter heeft net een oud koets­huis gekocht; zou dàt niks voor u zijn ... ? Zulke reac­ties,’ verklapt IBM-woordvoerder Walter van het Hof. ’De halve horeca heeft ge­beld! Dat komt natuurlijk ook doordat een lande­lijk ochtend­blad het weer eens kort door de bocht heeft ge­bracht. Alsof we die kantoren morgen zouden ope­nen!'

Een paar maanden geleden sierde het 'IBM-plan' de voorpagina van de Telegraaf; de hotellerie reageerde alert. Iets te alert wellicht, want het plan staat nog in de kinderschoenen. Er wordt door IBM alleen nog maar onderzocht... of het wellicht mogelijk is... om een be­knopt netwerk van strate­gisch gelegen inloopkantoren te openen. Bijvoor­beeld in hotels of motels.

Herbezinning

’Het zou natuurlijk prettig zijn', mijmert Van het Hof, 'als ik overal in het land mijn tijd nuttig zou kunnen beste­den door even wat kan­toor­werk af te wikkelen. Dus in zo'n hotelkantoor moet zich een bureau bevinden, een computer, een prin­ter, et cetera. Ja inderdaad, ik kan ook met de schootcomputer aan de gang; in de auto op een parkeerter­rein langs de snel­weg, maar representativiteit speelt natuurlijk ook een rol. IBM heeft toch liever een aantal vaste adres­sen "langs de route". Maar voor­lopig zitten we nog lang niet in een gevorderd stadium; er is nog weinig concreets over te zeggen.’

Wel over het waarom. Van het Hof: ’We zijn ons bij IBM steeds meer aan het ont­wikke­len van een hardwareleve­rancier tot een IT-diens­tver­lener. Dat heeft tot gevolg dat veel van onze mensen minder vaak op kantoor zitten; omdat ze onderweg zijn, bij de klant zitten, en dat er dus steeds meer bureaus grote delen van de dag leeg staan. Dat is niet efficiënt. Vandaar dat we bezig zijn met herbezinnen. Want thuis kun je ook werken, en waarom zou je mensen die in feite niets meer op kantoor te zoeken hebben, nog naar de zaak laten komen? En zouden we het aantal ineffi­ciënte uren van onze buitenmensen niet kunnen terugschroeven? Want ze staan natuurlijk nogal eens in de file ook.’

Maar het contingent IBM-medewerkers in de buitendienst zal toch grotendeels bestaan uit "engineers" die op lokatie met apparatuur aan het stoeien zijn? Wat moeten die dan nog in een hotelkantoor? ’Nee, het zijn vooral consultants,’ corrigeert Walter van het Hof snel. ’Vaak zijn het mensen die met de klant samen in pro­jectgroepen zitten. Het zijn beslist geen mensen die met een schroe­vendraaiertje aan de slag zijn, maar IT-archi­tec­ten, IT-specialisten, IT-dienst­verleners. Vandaar dat ik altijd heel duide­lijk die laatste s van het woord IT-services uit­spreek.’

In feite is het geen nieu­ws; dat probeert Van het Hof althans duidelijk te maken: 'Het begrip flexwerken bestaat toch al lang? Het gaat er niet meer om wáár iemand werkt en op welke tijdstippen, als het werk maar op tijd klaar is. Thuis kun je veel geconcentreer­der werken. Daar word je minder afge­leid; laten we wel wezen. En het con­tact met kantoor lijdt er niet onder, want iedereen die vanuit huis gaat werken, krijgt van IBM een bureau en een goede stoel, maar ook een ISDN-aan­slui­ting, een notebook waar ze mee kunnen inloggen op het IBM-intra­net, een printer, een mobiele telefoon en een persoon­lijk tele­foonnummer. De ervaring die we er tot nu toe mee hebben opgedaan, is alleen maar posi­tief. De mensen blijken juist heel veel con­tact met kantoor te houden; ook privé met collega's. Dus van eenzaamheid is geen spra­ke. En misbruik komt binnen de IBM-cul­tuur niet voor.’

Theedrinken

Van het Hof hoorde laatst van een collega dat die zich aanvankelijk wel eens schul­dig voelde als hij na school­tijd met de kinderen thee zat te drinken. Maar door het gevoel van vrijheid dat die collega inmiddels heeft, zit hij nu vaak ook 's avonds te werken, en is hij meer voor IBM bezig dan de veertig uur die hem worden be­taald.

’We hebben hier een "pilot" opgezet’, aldus Van het Hof, ’en daar zijn honderd­twintig mensen bij betrokken die nu volle­dig vanuit huis werken. In die pilot onder­zoe­kt IBM, in nauwe samenwerking met de arbodienst, in hoe­verre onze werk­plekken zich anders en beter laten inrichten. Binnen de IBM-orga­ni­satie krijgen we straks acht soorten werk­plek­ken, toegesneden op de verblijfsduur van de werknemer, en op de benodigde representativiteit. In dat kader wordt dus ook (!) ge­dacht aan de mogelijkheid om dat netwerk van strate­gisch gelegen werkplekken in hotels op te zet­ten. Want onze klanten zitten uiteraard door het hele land verspreid.’

Het waarom is duidelijk, het hoe en wanneer staat nog niet in de sterren geschreven. Het kan nog wel een jaar of wat gaan duren voordat we zekerheid krijgen, meent Van het Hof. De afdeling Huisvesting van IBM zal zich te zijner tijd met de keuze van de lokaties belasten. Kleinere familiehotels maken volgens Van het Hof weinig kans. Zelf denkt hij aan vaste contracten met grotere hotelketens, maar nogmaals, in dit stadium is daar nog geen zinnig woord over te zeggen.

Auteur: Han de Gruiter

HM30JAAR HM301999

Overig nieuws