Wie de eerste vier edities van Hotelbouwplannen 2026 naast elkaar legt, ziet een opvallende ontwikkeling. De animo om in hotels te investeren is nog altijd aanwezig, maar het daadwerkelijk realiseren van projecten blijkt complexer. Nieuwe plannen blijven binnenkomen, vergunningen worden aangevraagd en verleend, maar de grootste beweging zit in projecten die al jaren geleden zijn aangekondigd.
Van februari tot en met september 2026 registreerde Hotelbouwplannen 59 nieuwe plannen, 35 vergunningstrajecten en maar liefst 88 updates op eerder geïnventariseerde projecten. Daarmee vormen updates bijna de helft van alle geregistreerde ontwikkelingen. Het beeld dat hieruit naar voren komt, is dat de aandacht in de markt steeds minder uitgaat naar nieuwe initiatieven en meer en meer naar de verdere ontwikkeling van bestaande projecten. De sector lijkt zich te ontwikkelen van een markt waarin nieuwe hotelinitiatieven ontstaan naar een markt waarin wordt gewerkt aan de lange weg richting realisatie.
Updates domineren
Dat updates de overhand hebben, zegt veel over de huidige stand van de hotelontwikkeling. In vrijwel iedere editie komen projecten terug die jaren geleden voor het eerst werden gemeld. Sommige ontwikkelingen dateren zelfs van meer dan tien jaar geleden.
Zo verscheen de herontwikkeling van Hotel van Oranje in Noordwijk in 2014 voor het eerst in Hotelbouwplannen. Ook het Van der Valk-hotel in Doetinchem kent een geschiedenis die teruggaat tot 2014. Projecten als het Vrieseplein in Dordrecht, Hotel Kalverschans in Wijdewormer en diverse Van der Valk-ontwikkelingen lopen inmiddels al een decennium of langer.
De cijfers laten zien dat hotelontwikkeling een kwestie van lange adem wordt. De voorbeelden in Hotelbouwplannen laten zien dat doorlooptijden van acht tot twaalf jaar geen uitzondering meer zijn.
Benieuwd naar Hotelbouwplannen en de verschillende abonnementen? Ontdek hier de opties.
Vergunningen vormen de grootste hobbel
De belangrijkste vertraging ontstaat niet door een gebrek aan interesse van investeerders, maar vooral tijdens het vergunningstraject.
In de eerste vier edities van 2026 komen voorbeelden voorbij van verlengde beslistermijnen, bezwaarprocedures, bestemmingsplanwijzigingen en juridische procedures bij de Raad van State. In Zandvoort worden meerdere aanvragen opnieuw uitgesteld, in Petten liep Hotel Corfwater vertraging op na vernietiging van het bestemmingsplan en in Hurdegaryp zorgen bezwaren voor uitstel van de uitbreiding van Van der Valk.
Ook projecten als De Nieuwe Ram in Halsteren, Hotel Groenendijk in Hazerswoude-Rijndijk en diverse binnenstedelijke hotelontwikkelingen laten zien hoe langdurig procedures kunnen zijn voordat daadwerkelijk gebouwd kan worden.
Het vergunningstraject is daarmee uitgegroeid tot de belangrijkste bottleneck binnen de hotelontwikkeling.
Opvallend is dat een groot deel van de updates niet gaat over de bouw zelf, maar over vergunningen, bezwaren, gewijzigde plannen en juridische procedures. De voortgang van hotelontwikkelingen wordt daardoor steeds minder bepaald door de bouwfase en steeds meer door de weg ernaartoe.
De pijplijn blijft goed gevuld
Tegelijkertijd is er geen gebrek aan ambitie. De geregistreerde plannen vertegenwoordigen duizenden kamers die nog in ontwikkeling zijn en de komende jaren op de markt komen.
Opvallend is wel dat veel projecten pas na 2028 worden gerealiseerd. Ontwikkelingen als de Lammenschansweg in Leiden, de nieuwe IJsselhallen in Zwolle, Hotel van Oranje in Noordwijk, grote gebiedsontwikkelingen in Amsterdam en diverse Van der Valk-projecten kennen planningen die doorlopen tot 2029, 2030 of zelfs 2031.
Dat wijst erop dat ontwikkelaars nog vertrouwen hebben in de markt, maar tegelijkertijd rekening houden met langdurige voorbereidingstrajecten.
Grote ketens blijven investeren
Een andere duidelijke trend is de dominante rol van grote hotelketens. Vooral Van der Valk en Fletcher blijven nadrukkelijk aanwezig in de plannenlijst.
Van der Valk komt terug in projecten in onder meer Ridderkerk, Leeuwarden, Oegstgeest, Wolvega, Alkmaar, Alphen aan den Rijn en Doetinchem. Fletcher werkt tegelijkertijd aan ontwikkelingen in onder meer Balk, Hollum, Epe en op Texel.
De grotere spelers beschikken vaak over de financiële slagkracht en organisatorische capaciteit om langlopende procedures vol te houden. Bij kleinere projecten blijken financiering, vergunningverlening of wijzigende marktomstandigheden vaker een rem op de voortgang.
Herbestemming wint terrein
Opvallend veel nieuwe hotelontwikkelingen vinden plaats binnen bestaand vastgoed. Voormalige kantoren, monumenten, kloosters, gevangenissen en leegstaande horecapanden krijgen een nieuwe bestemming als hotel.
Voorbeelden zijn het voormalige belastingkantoor in Leeuwarden, het Dominicanenklooster in Zwolle, de herontwikkeling van de voormalige V&D in Leiden, Wolvenplein in Utrecht en Kasteel Beverweerd in Bunnik.
De groei van de hotelvoorraad komt daardoor minder uit volledig nieuwe hotelgebouwen en vaker uit transformatieprojecten. Dat sluit aan bij de bredere trend van herbestemming en duurzaam ruimtegebruik.
Nieuwe risico's dienen zich aan
Naast vergunningen en juridische procedures verschijnt ook een nieuwe uitdaging vaker in de dossiers: netcongestie.
Projecten als Van der Valk Alphen aan den Rijn, One Villa in Domburg, Dutch Mountains in Eindhoven en diverse andere ontwikkelingen ondervinden vertraging doordat er onvoldoende capaciteit beschikbaar is op het elektriciteitsnet.
Waar enkele jaren geleden stikstof de grootste zorg vormde, lijkt netcongestie zich in hoog tempo te ontwikkelen tot een nieuwe beperkende factor voor hotelbouw.
Conclusie
Wie uitsluitend naar het aantal nieuwe plannen kijkt, zou kunnen denken dat de hotelbouw vertraagt. De cijfers vertellen echter een ander verhaal. Hoteliers, ontwikkelaars en investeerders blijven bereid om te investeren in nieuwe accommodaties. De belangstelling voor hotelontwikkeling is onverminderd aanwezig.
De echte uitdaging ligt in de uitvoering. Procedures duren langer, vergunningstrajecten worden complexer, bezwaren komen vaker voor en externe factoren zoals netcongestie zorgen voor extra vertraging.
De rode draad van Hotelbouwplannen 2026 is daarom niet een gebrek aan ambitie, maar een groeiende behoefte aan geduld. De Nederlandse hotelmarkt blijft investeren, maar de weg van initiatief naar opening wordt langer. Hotelontwikkeling is daarmee meer dan ooit een kwestie van een lange adem.
De volgende editie van Hotelbouwplannen verschijnt op 27 oktober.
Meer informatie over Hotelbouwplannen en abonnementen is hier te vinden.